Geneesmiddelen zijn een investering in gezondheid, geen kost
We horen steeds vaker de vraag: wie betaalt de prijs voor gezondheid? Laat ons die discussie vervolledigen met cijfers die te vaak ontbreken.
De totale uitgaven aan gezondheidszorg bereikten in 2024 een record van 37 miljard euro, een stijging van 40 procent tegenover 2019. Dat is geen verhaal van één ontsporende sector. Het is het gevolg van een systeem brede druk: vergrijzing, een groeiende bevolking en stijgende zorgverwachtingen duwen op het volledige budget.
Wie de echte kostendrijvers zoekt, moet naar de absolute cijfers kijken.
Het artsenbudget steeg met 2,6 miljard euro tot 11 miljard euro.
Ziekenhuizen met 2,3 miljard euro tot 8,3 miljard euro.
Geneesmiddelen met 1,4 miljard euro tot 5,6 miljard euro.
Van de drie grote posten is de farmaceutische sector de kleinste stijger, niet de grootste. Nog opvallender: terwijl de totale zorguitgaven met 40 procent toenamen, daalde het aandeel van geneesmiddelen in dat budget. Van 17,8 procent in 2017 naar 16,5 procent in 2024.
Relatief gezien neemt de farmasector een steeds kleiner stuk van de zorgtaart, niet een groter.
Meer én beter
Cijfers vertellen overigens maar de helft van het verhaal. De stijging in andere zorgsectoren is grotendeels meer van hetzelfde: meer consultaties, meer behandelingen, meer patiënten.
Bij geneesmiddelen gaat het om meer én beter.
Zestig procent van wat artsen vandaag voorschrijven, bestond dertig jaar geleden nog niet. Innovatieve geneesmiddelen zijn verantwoordelijk voor 73 procent van de stijging van de levensverwachting in de westerse wereld over de afgelopen decennia.
Dankzij die innovatie overleven patiënten zware ziekten die vroeger een doodsvonnis waren. En vaak leven die patiënten thuis, in plaats van in een ziekenhuisbed. Dat vertaalt zich trouwens ook in significante besparingen elders in het zorgsysteem. Besparingen die zelden worden meegerekend.
Maar wie dit in rekening brengt zal inzien: geneesmiddelen zijn geen gevaar voor de betaalbaarheid van de zorg, ze zijn veeleer een garantie ervoor.
Voorbij het silo denken
Sommigen pleiten voor Europese onderhandelingen als tegenmacht. Die reflex is begrijpelijk, maar België betaalt vandaag al minder dan veel buurlanden. De huidige onderhandelingen werken.
De echte vraag gaat dieper. Zijn wij als samenleving bereid te investeren in de gezondheidszorgnoden van een vergrijzende bevolking? Willen we de gezondheidszorg van gisteren, of die van morgen? In een wereld waarin regio's steeds meer op zichzelf zullen moeten terugvallen, is dat geen luxevraag.
Uiteraard dienen middelen efficiënt te worden ingezet. Maar zich blindstaren op één segment – dat bovendien niet de grote kostendrijver is – is silo denken dat échte efficiëntiewinsten in de weg staat.
Welke gezondheidswinsten willen wij voor de burgers van vandaag en morgen én wat zijn wij bereid daarin te investeren? Daarover moet het debat gaan, dan begint dat met alle cijfers op tafel te leggen, ook de minder comfortabele.
Schrijf je in op onze nieuwsbrief
Wil je op de hoogte blijven van het reilen en zeilen binnen de farma-industrie, schrijf je dan in op onze nieuwsbrief!