Het belang van preventieve diergezondheid: een investering in dieren en onze maatschappij

Newsletter
Informatie
Sector
Gezondheidsbeleid
Dierengeneesmiddelen

Dierziekten houden zich niet aan grenzen

De voorbije jaren hebben verschillende ziekte-uitbraken aangetoond hoe snel infectieuze ziekten zich kunnen verspreiden. Ook in België werden veehouders geconfronteerd met onder meer blauwtong en vogelgriep. Dergelijke uitbraken hebben niet alleen gevolgen voor de getroffen dieren, maar brengen vaak ook economische schade, handelsbelemmeringen, onzekerheid en extra druk op landbouwbedrijven met zich mee.

Daarom is waakzaamheid zo belangrijk. Hoe sneller een ziekte wordt ontdekt, hoe groter de kans dat de impact beperkt blijft. Dat vraagt een voortdurende samenwerking tussen veehouders, dierenartsen, onderzoekers, overheid en industrie. Preventieve diergezondheid is dan ook geen eenmalige inspanning, maar een permanente investering in paraatheid.

Innovatie als hoeksteen van preventieve diergeneeskunde

Eén van de krachtigste instrumenten om dieren gezond te houden, blijft vaccinatie. Vaccins beschermen dieren tegen ernstige ziekten, voorkomen onnodig dierenleed en helpen de verspreiding van infecties afremmen. Daarnaast verminderen ze vaak ook de nood aan behandelingen achteraf, waardoor minder moet worden teruggevallen op bijvoorbeeld antibiotica.

Innovatie staat echter niet stil. Nieuwe technologieën maken het mogelijk om sneller en gerichter te reageren op opkomende gezondheidsbedreigingen. Een goed voorbeeld zijn de nieuwe generatie RNA-vaccins. De technologie werd bij het grote publiek bekend tijdens de COVID-19-pandemie, maar biedt ook in de diergeneeskunde interessante perspectieven. Ze kan helpen om sneller vaccins te ontwikkelen wanneer nieuwe dierziekten opduiken en zo de paraatheid tegen toekomstige uitbraken versterken.

Ook achter de schermen verandert er veel. Dankzij innovatieve digitale toepassingen kunnen gezondheidsproblemen steeds vroeger worden opgemerkt. Sensoren die het gedrag van dieren opvolgen, systemen die veranderingen in de omgeving registreren en innovatieve diagnostische tests geven dierenartsen en veehouders sneller inzicht in mogelijke risico's. Zo kunnen problemen vaak worden aangepakt nog voor dieren zichtbaar ziek worden.

Daarnaast blijft de diergeneeskundige farmaceutische sector investeren in onderzoek naar nieuwe oplossingen voor bestaande en opkomende dierziekten. 

Om die innovaties snel beschikbaar te maken voor dierenartsen, veehouders en diereneigenaars, is een modern en voorspelbaar regelgevend kader essentieel. Een nauwe samenwerking tussen overheid, wetenschap en industrie kan helpen om innovatieve oplossingen sneller en verantwoord beschikbaar te maken, zonder in te boeten aan veiligheid, kwaliteit of vertrouwen.

Het westnijlvirus: een praktijkvoorbeeld van het “One Health”-principe

Hoe nauw diergezondheid en volksgezondheid met elkaar verbonden zijn, werd deze zomer nog duidelijk. In 2026 werd voor het eerst een besmetting met het westnijlvirus vastgesteld bij een paard in België.

Het virus wordt verspreid door muggen en circuleert van nature tussen wilde vogels. Mensen en paarden kunnen besmet raken door een steek van een geïnfecteerde mug, maar spelen zelf geen rol in de verdere verspreiding van het virus. Hoewel het risico voor de meeste mensen beperkt blijft, toont deze vaststelling aan hoe gezondheidsuitdagingen veranderen onder invloed van onder andere klimaatverandering. Wat vroeger vooral een aandachtspunt was in Zuid-Europa, wordt vandaag ook relevant in onze regio.

Het westnijlvirus illustreert perfect het zogenaamde “One Health”-principe: de gezondheid van dieren, mensen en hun leefomgeving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Om dergelijke risico's tijdig op te sporen en te beheersen, zijn monitoring, wetenschappelijk onderzoek en een goede informatie-uitwisseling tussen verschillende sectoren essentieel.

Samen sterker tegen toekomstige uitdagingen

Preventieve diergezondheid bestaat niet uit één enkele maatregel. Het is een samenspel van vaccinatie, monitoring, bioveiligheid, innovatie en samenwerking. Wanneer al die puzzelstukken op elkaar aansluiten, kunnen risico's sneller worden opgespoord en uitbraken beter worden beheerst.

De diergeneeskundige sector blijft daarom investeren in nieuwe oplossingen die dieren helpen beschermen tegen bestaande en toekomstige ziekten. Want uiteindelijk is preventieve diergezondheid veel meer dan een investering in dieren alleen. Het is een investering in voedselzekerheid, in volksgezondheid en in een samenleving die beter voorbereid is op de uitdagingen van morgen.

Een toekomstgericht diergezondheidsbeleid vraagt om een geïntegreerde aanpak waarin preventie centraal staat. Vaccinatie, vroege detectie, monitoring, bioveiligheid en innovatie versterken elkaar. Maar even belangrijk is de samenwerking tussen overheid, dierenartsen, veehouders, onderzoekers en de diergeneeskundige industrie.

Alleen door die krachten te bundelen kunnen risico's sneller worden opgespoord, uitbraken beter worden beheerst en de impact op dieren, mensen en de economie worden beperkt. Investeren in preventieve diergezondheid betekent daarom niet alleen investeren in gezonde dieren, maar ook in een weerbare samenleving.

Oona-Van-Nieuwenhove
Oona Van Nieuwenhove
Animal & Public Health Advisor
Become a member

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van het reilen en zeilen binnen de farma-industrie, schrijf je dan in op onze nieuwsbrief!