Innovatie in Animal Health

Moderne dierengezondheid, zoals we die nu kennen, zag het daglicht in 1761 met de oprichting van 's werelds eerste school voor diergeneeskunde in Lyon. Sindsdien zorgden de bedrijven actief in dierengezondheid voor een gestage stroom van innovatie. Eind 19de eeuw werden de eerste vaccins tegen miltvuur en hondsdolheid ontwikkeld en in de jaren 1930 werden vaccins ontwikkeld ter bescherming van andere veel voorkomende ziekten, zoals mond- en klauwzeer en brucellose.
Dankzij de investering in onderzoek en ontwikkeling door die bedrijven, is er de laatste 20-30 jaar veel vooruitgang geboekt: verbeterde vaccins, analgetica, anesthetica en kankerbehandelingen. In 2017, reikte het EMA (European Medicines Agency) 18 vergunningen voor nieuwe diergeneesmiddelen uit, waaronder 10 vaccins. Bij bedrijven werkzaam in dierengezondheid gaat gemiddeld ongeveer10 percent van de omzet naar onderzoek en ontwikkeling. Door de toenemende belemmeringen, inzake regelgeving bijvoorbeeld, ondervinden veel bedrijven moeilijkheden om te investeren in innovatie. Vandaar het belang van de nieuwe Europese Verordening die een extra stimulans vormt voor de bedrijven om te blijven investeren in innovatie (zie ook volgende rubriek).

Wist u dat de woorden vaccin en vaccinatie afgeleid zijn van het woord “vacca”, Latijn voor koe. Om zich te bescherming tegen pokken, pionierde de Engelse arts Edward Jenner in de 18e eeuw, door koeienpokken te gebruiken als “vaccin”. Zo ontstond s'werelds eerste vaccin, een mijlpaal in de geschiedenis van de geneeskunde.